|
|
laatste wijziging: 7 november 2010 |
|
1. De wegrukking van de ekklesia vindt plaats tegen de achtergrond van een acuut dreigend gevaar. Met de wegrukking vangt geen periode van (schijn-)vrede aan, maar de grote verdrukking waarin de grimmigheid van satan vrij spel zal hebben (1Thes.5:9; Openb.12:6). De ekklesia zal verlost worden (lett.) UIT de toekomende toorn (1Thes.1:10). Dat betekent: op het laatste nippertje ontkomen.
2. De wegrukking van de ekklesia vindt plaats wanneer de aartsengel Michaël gaat optreden. Michaëls commando zal worden vernomen en de bazuinstoten zullen klinken om zich op te maken voor de strijd (1Thes.4:16 vergl. 1Kor.14:8). Het optreden van Michaël markeert volgens de profetie het begin van de grote verdrukking (Dan.12:1; Openb.12:7-9). 3. Zodra de de ekklesia zal zijn verwijderd, zal de mens der wetteloosheid zich openbaren (2Thes.2:7,8). De openbaring van de wetteloze bestaat daarin dat hij de dagelijkse offerdienst op de heilige plaats zal doen staken en in plaats daarvan een afgodsbeeld zal oprichten waardoor een afschuwelijke verdrukking zal ontstaan. Dit vindt halverwege Daniëls laatste jaarweek plaats (Dan.9:27). 4. De dag des Heren zal de ekklesia niet overkomen als een dief in de nacht (1Thes.5:4). De gelovigen zullen weten wanneer de tijd daar is. Wanneer de wereld zich zal beroemen over de getekende vrede in het Midden-Oosten, weet zij dat een plotseling verderf aanstaande is. Een verderf echter, waaraan zij zal ontkomen doordat ze van Godswege zal worden geëvacueerd (1Thes.5:1-9). 5. Wanneer de ekklesia zal zijn weggerukt, zal God een nieuw getuigenis in Israël starten. Zodra de grote verdrukking aanvangt zal God twee getuigen in Jeruzalem laten optreden (Openb.11:2,3) die aan de inwoners van het Joodse land zullen voorhouden, per direct te vluchten naar de woestijn (Mat.24:15; Openb.12:6).
VOETNOOT |
|