|
|
PETRUS' VISIOEN
Handelingen 10:14
Maar Petrus zeide: Geenszins, Here, want ik heb
nog nooit iets gegeten, dat onheilig of onrein was.
Hardnekkig is het misverstand dat Jezus de afschaffing
van de wet zou hebben gepredikt. Niets is minder waar. Het antwoord dat
Petrus hier geeft, weerspreekt dit ook overduidelijk. Zelfs vele jaren
na Jezus' dood en opstanding zegt Petrus nog nooit niet-kosher voedsel
tot zich te hebben genomen. Het is hem nimmer onderwezen. Afschaffing
van de joodse gebruiken (besnijdenis, sabbat, kosher, etc. en zelfs de
tempeldienst) is ook in het boek Handelingen in het geheel niet aan de
orde.
De hint in dit visioen is niet dat Petrus in
het vervolg geen onderscheid meer zou maken tussen rein en onrein voedsel.
De suggestie is evenmin dat Petrus in het vervolg naar de heidenen zou
gaan om het evangelie te prediken. Want Petrus wordt ook jaren later,
nog steeds een "apostel der besnijdenis" genoemd (Galaten 2:8).
Zonder enig verwijt. De les voor Petrus in het visioen is dat hij "niemand
onheilig of onrein mag noemen" (10:28). Niet minder en niet meer.
En dus dat hij met een gerust hart de deur mocht openen voor Cornelius,
de vrome "vreemdeling in de poort".
zie
reacties
|
|