wie kocht: Abraham
of Jakob?
Vraag:
Volgens Stefanus kocht Abraham een graf van de zonen
van Hemor in Sichem (Hand.7:16). In Genesis 23 echter lezen we dat
Abraham een graf kocht van de Hethieten. Volgens Gen.33:19 was het
Abraham's kleinzoon Jakob, die een stuk land in Sichem kocht van de
zonen van Hemor.
Hoe zit dat?
Antwoord:
Er zijn in de loop der tijd meerdere pogingen gedaan
om deze moeilijkheid op te lossen. Soms dermate wanhopig, dat men
zelfs meende dat de overgeleverde tekst niet kon deugen. In werkelijkheid
is de oplossing betrekkelijk eenvoudig, zodra we nauwkeuriger de tekst
bezien.
Onderstaand ziet
u een plaatje afgebeeld van de interlineaire tekst van Hand.7:16.
De bovenste regel (zwart) is de Griekse tekst, de tweede regel (groen)
de Engelse concordante weergave en daaronder (bruin) de weergave van
de NBG-vertaling.

De NBG-vertaling leest,
zoals vrijwel alle vertalingen, dat Abraham het graf gekocht heeft
VAN de zonen van Hemor. Maar er is een andere lezing en interpunctie
mogelijk:
"... zij werden overgebracht naar Sichem en geplaatst in het
graf (welke Abraham gekocht had voor de prijs van zilver), NAAST dat
van de zonen van Hemor" .
Het verschil tussen deze weergave en de traditionele lezing is, dat
de mededeling aangaande Abraham die kocht voor de prijs van zilver,
tussen haakjes wordt geplaatst. Wanneer we deze mededeling voor het
gemak weglaten staat er:
"... zij werden overgebracht naar Sichem en geplaatst in het
graf (...), NAAST dat van de zonen van Hemor" .
Deze vertaling en interpunctie is volstrekt verantwoord en in harmonie
met de tekst in Genesis.
M.a.w. Abraham kocht
een graf (de spelonk van Machpela in Hebron/Sichem, het huidige Nabloes).
Daar werden de aartsvaders bijgezet. Dit graf is NAAST of BIJ het
stuk grond dat Jakob van de zonen van Hemor kocht, de plek waar later
Jozef begraven zou worden (Jozua 24:32).
|
Kanttekeningen
Staten Vertaling
Tot mijn genoegen is bovenstaande
verklaring ook voorgesteld in de aloude Kanttekeningen der Staten
Vertaling.
"Doch anderen
menen dat het woord Abraham in den tekst wel mag behouden
worden, alzo ook Abraham te Hebron ene spelonk gekocht heeft
van Efron den zoon Zoar, tot begraving zijner doden, Gen.
23:16, in welke ook Jakob heeft willen begraven zijn, Gen.
49:29,30, en waarheen ook schijnt dat de gebeenten van enige
andere voorvaders uit Sichem overgebracht zijn. En dezen zetten
den tekst hier aldus over: benevens hetgeen; dat is,
benevens het graf, dat van deze zonen van Emmor, den
vader van Sichem; namelijk door Jakob gekocht was; Gen. 33:19.
"
|