|
|
WIE GELÓÓFT HEEFT EEUW-IG LEVEN De Schrift is er zéér duidelijk over dat het Leven, dat Christus aan het licht bracht in zijn opstanding, eens het deel zal zijn van alle mensen.
De vergelijking van Christus met Adam in deze passages, sluit iedere relativering uit. Door Adam zijn alle mensen (zonder één uitzondering!) zondaren en stervelingen geworden. Welnu, op precies dezelfde wijze zal óók door één mens het ganse mensdom worden levendgemaakt en gerechtvaardigd. Dat is geen optie maar een feit! Maar wat is dan het voorrecht van de gelovige? Zegt de Schrift dan niet dat slechts gelóvigen het eeuw-ige leven beërven?
Het punt is dat zowel het één als het ander waar is. De ene waarheid is dat alle mensen in onvergankelijkheid en heerlijkheid zullen worden opgewekt. De andere waarheid is dat slechts zij die geloven het eeuw-ige leven zullen ontvangen. Dit is slechts te verstaan, wanneer we begrijpen wat de Schrift bedoelt met het eeuw-ige leven. Verreweg de meesten halen beide begrippen hopeloos door elkaar. En toch is het onderscheid uiterst simpel. Onvergankelijk leven wil zeggen dat het leven niet vergankelijk en dus blijvend is. Eeuw-ig leven echter, wil zeggen dat het leven verband houd met een eeuw. Met de toekomende eeuw wel te verstaan.
De Schrift leert behalve een "toekomende eeuw" ook "komende eeuwen".
Christus zal heersen in deze eeuwen. Ze heten in de Schrift "de eeuwen der eeuwen" (gewoonlijk vertaald met "alle eeuwigheden") omdat het overtreffende, uitmuntende eeuwen zijn. Overtreffend in vergelijking met b.v. "de tegenwoordige boze eeuw" (Galaten 1:4).
De laatste regeringsdaad van Christus zal de ontroning van de dood zijn. Bij die gelegenheid zal Hij het resterende deel van de mensheid dat nog dood is ("de tweede dood"), levendmaken.
Samengevat: slechts degenen die geloven zullen het leven van de toekomende eeuw(en) beërven. Het zijn de glorieuze eeuwen waarin Christus zal heersen. Wanneer de dood eenmaal als laatste vijand zal worden teniet gedaan, zal het onvergankelijke leven het deel zijn van alle mensen. Niet langer heet het dan nog eeuw-ig leven, om de eenvoudige reden dat de eeuwen inmiddels zullen zijn voleindigd.
|