De twee getuigen in Openbaring 11 treden
op gedurende 1260 dagen (11:3), dat is 42 maanden (11:2), 3,5 jaar
óf een halve jaarweek.
De term 'jaarweek' is ontleend aan Daniël 9:27 waar
sprake is van een zevental jaren die direct vooraf gaan aan de uiteindelijke
vrede en gerechtigheid (9:24) die het Joodse volk en de heilige stad
Jeruzalem ten deel zal vallen. Deze laatste zeven jaren zijn verdeeld
in twee helften van 3,5 jaar. De zeven jaren vangen aan met het sluiten
of bekrachtigen van een verbond of verdrag. In
het midden van de jaarweek zal een afgodsbeeld worden opgericht op
de heilige plaats ("de gruwel der verwoesting"; vergl. Mat.24:15).
Vanaf dit moment zal een gruwelijke verdrukking over het land komen
dat zal voortduren tot aan het einde van de jaarweek.
Wanneer we hebben vastgesteld dat de twee getuigen in Openbaring
11 optreden gedurende 3,5 jaar, dan dringt zich de vraag op: welke
3,5 jaar? De eerste of laatste helft van de jaarweek van Dan.9:27?
Wanneer we de passage nader beschouwen is het niet moeilijk
te concluderen dat de twee getuigen profeteren tijdens "de grote
verdrukking". De volgende redenen maken dit
duidelijk
#1
Gedurende de dagen van het profeteren van de twee getuigen (3,5 jaar)
zal het niet regenen in het land (11:6). Ook zal het land getroffen
worden met "allerlei plagen" (11:6). Het
gaat hier onmiskenbaar om de tijd van Jakobs benauwdheid (vergl. Jer.30:6).
#2
De 1260 dagen waarin de twee getuigen profeteren (11:3), worden in
één adem genoemd met de 42 maanden waarin Jeruzalem
door de heidenen vertreden zal worden (Openb.11:2). Dat is dus "de
grote verdukking".
#3
Het einde van de bediening van de twee getuigen valt samen
met het einde van de grote verdrukking voor Israël: de stad
Jeruzalem wordt getroffen door een grote aardbeving (vergl. Zach.14:4:
het splijten van de Olijfberg en Openb.6:12). Wellicht dat de twee
getuigen zullen opklimmen in de wolk (11:12) op het moment dat HERE
zal verschijnen en alle heiligen met Hem (Zach.14:4). De inwoners
van de stad die alles hebben overleefd ("het overblijfsel")
zullen de God des hemels eer geven.