|
DE MAAGD ZAL ZWANGER
WORDEN?
Vraag:
Matteüs haalt in hoofdstuk 1:22,23 de profetie van Jesaja (7:14)
aan over een jonge vrouw die zwanger zou worden en een zoon zou baren.
Maar maakt het verband in het boek Jesaja niet duidelijk dat het daar
over een zoon in Achaz' dagen gaat? Spreekt Jesaja bovendien niet over
een 'jonge vrouw', in tegenstelling tot Matteüs die het over een
'maagd' heeft?
Hoe zit dat?
Inderdaad spreekt Jesaja over gebeurtenissen
die zouden plaatsvinden in het leven van de toen regerende koning Achaz.
Dat wordt heel nadrukkelijk gezegd.
Daarom zal de Here zelf u (= Achaz) een
teken geven: Zie, de jonkvrouw zal zwanger worden en een zoon baren;
en zij zal hem de naam Immanuel geven.(...) Maar voordat de jongen
weet het kwade te verwerpen en het goede te verkiezen, zal het land
ontvolkt zijn, voor welks beide koningen gij angstig zijt.
Jesaja 7:14,16
Het is dus ontegenzeggelijk dat Jesaja's
woorden gedateerd zijn. Ze hebben betrekking op Jesaja's eigen tijd. Maar
is daarmee gezegd dat Jesaja's woorden toen ook vervuld zijn, d.w.z.
ten vólle inhoud gegeven? Nee, want de volle vervulling zou pas
zes eeuwen later plaatsvinden. De Heer zou opnieuw een teken geven aan
het koningshuis van David. Een jonge vrouw (ook van koninklijke komaf)
zou zwanger worden en een zoon baren die met récht Immanuël
genoemd zou worden, d.w.z. 'God met ons'. Het jongetje dat in Achaz' huis
werd geboren héétte wel Immanuël maar kon natuurlijk
niet létterlijk "God met ons" zijn.
Het is om die reden dat Matteüs n.a.v. het zwanger worden van Maria,
schrijft:
Dit alles is geschied, opdat VERVÚLD
zou worden hetgeen de Here door de profeet gesproken heeft, toen hij
zeide: Zie, de maagd zal zwanger worden en een zoon baren, en men zal
Hem de naam Immanuel geven, hetgeen betekent: God met ons.
Matteüs 1:20-23
Rest nog één vraag. Waarom
gebruikt Matteüs het woord 'maagd' terwijl Jesaja het over een 'jonge
vrouw' heeft?
De reden is dat Matteüs niet de Hebreeuwse Bijbel maar de Griekse
vertaling van het 'Oude Testament' citeert, de zogenoemde Septuagint-vertaling.
Grieks was in die dagen de wereldtaal en alle Joden die in het buitenland
woonden gebruikten deze vertaling. In deze Griekse vertaling wordt in
Jesaja 7:14 het Hebreeuwse woord voor 'jonge vrouw' (alma) weergegeven
met 'maagd' (parthenos). Dat is niet correct. Maar als het om de uiteindelijke
vervulling gaat, blijkt deze woordkeuze weer wél zeer 'to
the point' te zijn! Want Maria was behalve een jonge vrouw ook nog een
maagd. Als een máágd zwanger wordt dan is dat met recht
een teken te noemen! Zeker als op deze wijze in de meest letterlijke
zin de naamgeving waarheid wordt: God met ons.
De conclusie moet zijn dat Jesaja's woorden
primair betrekking hadden op zijn eigen dagen maar pas echt vervúld
werden toen de maagd Maria zwanger werd en de Zoon van God ter wereld
bracht.
|