ga naar thuis-pagina

laatste wijziging: 20 april 2005

het raadsel van het kwaad

wat is zonde?
ging er iets mis?
opdat de zonde zou toenemen...
zoals een juwelier...
Adam en Eva kenden niet het goede
wat betekent 'kwaad'?
God is de Schepper van het kwaad
'kwaad' is iets anders dan 'zonde'
opdat de werken van God openbaar zouden worden
Gód heeft alle mensen onder ongehoorzaamheid besloten
wie was verantwoordelijk voor Jozefs tocht naar Egypte?
het grootste kwaad wordt het grootste goed!
God brengt uit het kwade het goede voort
wat heeft God dan nog aan te merken?
Gods volmaakte weg

De grondbetekenis van het woord 'zonde' in de Bijbel is 'doelmissen'. In Richteren 20:16 lezen we van linkshandig krijgsvolk dat in staat was te slingeren met een steen "tot op een haar, zonder te MISSEN". In de grondtekst staat hier het gewone woord voor 'zondigen'. 

In de traditionele theologie gaat men ervan uit dat de tegenstand van satan en de overtreding van Adam tegen Gods oorspronkelijke bedoeling ingingen. Als dit zo zou zijn dan heeft God dus Zijn doel gemist en is Hij in de fundamentele zin des woords een... zondaar.

God mist nooit Zijn doel. In Spreuken 16:4 lezen we: "de HERE heeft alles gemaakt voor Zijn doel, ja zelfs de goddeloze voor de dag des kwaads". 

De gebruikelijke gedachte is dat God geboden en voorschriften aan Israël gaf om de zonde te verminderen. Maar in Romeinen 5:20 lezen we dat God de wet juist aan Israël gaf OPDAT de zonde ZOU TOENEMEN (zie de Staten Vertaling voor een correcte weergave). Heeft God dan de vermeerdering van de zonde op het oog? Inderdaad, maar niet als uiteindelijk doel. Want staat er in ditzelfde vers te lezen: "waar evenwel de zonde toenam is de genade meer dan overvloedig geworden". Zie daar Gods bedoeling met de zonde van de mens! 

Slechts zonde en schuld maken het licht van Gods genade zichtbaar. Zoals een juwelier zijn schitterende sieraden op een donkere achtergrond etaleert, zó maakt God Zijn genade zichtbaar tegen de achtergrond van zonde en schuld. 

Toen Adam en Eva in de hof verkeerden hadden zij geen kennis van het kwade. Dat is algemeen bekend. Maar vrijwel ónbekend is dat zij evenmin kennis hadden van het goede. Pas sinds het eten van de verboden vrucht kregen ze kennis van goed én kwaad. Dus niet slechts van het kwade maar ook (en zelfs in de eerste plaats!) van het goede.

Adam en Eva hádden het goed in de hof van Eden. Maar ze kénden het goede niet. Het goede wordt slechts gekend in contrast met het kwade. Wat betekent b.v. gezondheid wanneer men onbekend is met ziekte en gebrek?

Waarom aten Adam en Eva van de verboden vrucht? Omdat ze het goede niet kenden!

Adam kende God als Schepper en Onderhouder. Pas toen hij van de verboden vrucht gegeten had en Gods stem hoorde vragen 'Adam, waar ben je?' leerde hij Gods genáde verstaan. Ondanks wat gebeurd was, zocht God hem tóch op.

Het Hebreeuwse woord voor 'kwaad' is 'ra' en heeft als basisbetekenis 'kapot maken'. In Psalm 2:9 wordt van 'verpletteren' (Hebreeuws: 'ra'!) en 'stukslaan' in één adem gesproken. Ook 'kwaad' is niet per definitie moreel afkeurenswaardig. Dat hangt van de context af (wie, waar, wanneer, waarom en hoe).

Hoe onverteerbaar het ook voor sommigen is, de Bijbel laat op vele plaatsen zien dat God ook kwaad doet. Er is b.v. sprake van boze (ra) geesten die van de HERE komen. Jeremia zegt zelfs dat God Zich zal bekeren van het kwaad dat Hij Israël aandoet. Job zegt: zouden wij het goede van God aannemen en het kwade niet? Bij monde van Jesaja verklaart God zelfs plechtig: "er is geen ander... die het heil bewerk en het onheil (ra) schep; Ik de HERE doe dit alles". 1Samuël 16:14; Job 2:10; Jeremia 42:10; Jesaja 45:7

Hoe kan een goede God kwade dingen doen, scheppen en toelaten? Is dat geen zonde? Nee! Want God bereikt d.m.v. het kwaad een geweldig doel! Het kwade maakt het goede zichtbaar. Het kwaad is een instrument in Gods hand om een volmaakte schepping tot stand te brengen. Een schepping die Hem niet slechts looft als Schepper maar ook en vooral om Zijn genade en liefde die anders nimmer zichtbaar waren geworden.

In Johannes 9 wordt de vraag gesteld wiens zonde de oorzaak is van het feit dat een man blindgeboren is. Jezus' antwoord is dat de zonde van wie dan ook, niet de reden is van diens blindgeboren-zijn. "Maar de werken Gods moeten in hem openbaar worden". Is dit niet tevens een machtig antwoord op de vraag naar het waarom van het kwaad in deze wereld?! Het is opdat de werken van God openbaar zullen worden!

Romeinen 11:32 zegt dat God ALLEN (jood en heiden) onder de ongehoorzaamheid besloten heeft, om Zich over ALLEN te ontfermen. Let wel, Gód doet zowel het één als het ander. Vandaar dat de apostel in vers 36 uitroept: "want UIT Hem, DOOR Hem en TOT Hem zijn alle dingen!".

Jozefs broers hadden een groot onrecht gedaan door hun broer in de put te gooien en naar Egypte te verkopen. Toch zegt Jozef later tegen zijn broers: gij zijt het niet die mij hierheen gezonden hebt, MAAR GOD. Zij hadden wel kwaad tegen Jozef gedacht maar God heeft dat ten goede gedacht. Door het menselijk falen heen gaat God Zijn weg. Genesis 45:78; 50:20

De grootste zonde die de mensheid ooit begaan heeft is het kruisigen van Gods Zoon. Maar juist deze zonde van de mens rechtvaardigt God door het te veranderen tot het grootste goed. Heel de schepping wordt verzoend, juist door het bloed van kruis!

De apostel Paulus leert zonder omwegen dat God uit het kwade het goede voortbrengt. Velen begrepen dit niet en lasterden hem en legde hem in de mond 'laten we het kwade doen opdat het goede eruit voortkome'. Wanneer dit type tegenwerping en laster u bekend voorkomt bevindt u zich in goed gezelschap. Romeinen 3:7

Er resteert wellicht één (groot) probleem met bovengenoemde Bijbelse statements over het kwaad: als de mensheid door haar zonde slechts Gods bedoeling dient, wat heeft God dan nog aan te merken? De Bijbel beantwoordt deze vraag niet maar stelt in plaats daarvan een wedervraag: "maar gij o mens, wie zijt gij...? Zal het geboetseerde soms tegen zijn boetseerder zeggen: waarom hebt gij mij zo gemaakt?".
God is GOD en Hij zal straks met recht kunnen zeggen: I did it My way.
Romeinen 9:20

Niet slechts Gods ultieme einddoel is perfect. Maar ook de route die Hij daarvoor kiest is perfect. Zijn wegen zijn (hoewel ondoorgrondelijk ook) volmaakt! De wegen naar naar Gods heerlijkheid verlopen noodzakelijkerwijs via lijden. Psalm 18:30; Romeinen 11:3



ga naar thuis-pagina